In de Democratische Republiek Congo zijn inmiddels meer dan 3000 mensen overleden aan ebola. Dat hebben de gezondheidsautoriteiten in het Centraal-Afrikaanse land bekendgemaakt. De uitbraak behoort tot de dodelijkste ooit.
Sinds het begin van de uitbraak medio mei raakten ruim 6186 mensen besmet. Bijna de helft van hen overleefde de ziekte niet. Vooral jonge kinderen zijn kwetsbaar: zij overlijden verhoudingsgewijs vaker aan de gevolgen van het virus.
Een extra groot probleem is dat er voor de huidige variant van het virus geen enkel vaccin of medicijn beschikbaar is. Dat maakt de bestrijding bijzonder moeilijk, zeker in een regio die al kampt met instabiliteit en geweld.
Wat speelt er precies?
- Meer dan 3000 doden en ruim 6000 besmettingen since medio mei 2026.
- De uitbraak is de dodelijkste ooit in Congo. In 2018 vielen er in het land ongeveer 2280 doden.
- Het gaat om de Bundibugyo-variant, waartegen geen vaccin of geneesmiddel bestaat.
- De uitbraak begon in de provincie Ituri en verspreidde zich naar vijf andere provincies.
- In buurland Uganda raakten ook mensen besmet, maar die uitbraak lijkt inmiddels onder controle.
- Klinische proeven met een vaccin tegen eerdere varianten zijn gaande: 70.000 doses worden toegediend.
Waarom is de Bundibugyo-variant zo gevaarlijk?
Ebola is een ernstige infectieziekte die wordt veroorzaakt door een virus. Het virus verspreidt zich via direct fysiek contact of via lichaamsvloeistoffen van besmette personen. De ziekte veroorzaakt hevige koorts, diarree en ernstige bloedingen.
Voor de Bundibugyo-variant, die nu in Congo heerst, bestaat geen goedgekeurd vaccin of werkzaam geneesmiddel. De enige manier om verdere verspreiding te beperken, is besmette mensen zo snel mogelijk te isoleren en te hopen op spontaan herstel.
Er is wel een vaccin dat bescherming biedt tegen eerdere varianten van het ebolavirus. In Congo lopen momenteel klinische proeven met dit middel. In totaal 70.000 doses worden toegediend aan proefpersonen en medisch personeel. De eerste signalen zijn hoopgevend, aldus de gezondheidsdienst CDC van de Afrikaanse Unie.

Ebola muteert via dieren naar nieuwe varianten
Ebola dook voor het eerst op in 1976 en heeft sindsdien tientallen keren toegeslagen in Afrika. In Congo alleen al waren er zeventien uitbraken. Het virus is daarmee een terugkerend gevaar voor de regio.
Een groot probleem is dat het virus soms jarenlang geen mensen besmet, maar ondertussen wel rondgaat onder dieren. Daar kan het muteren tot een nieuwe variant, waartegen bestaande vaccins niet meer werken. Dit soort zogeheten zoönosen, ziekten die van dier op mens overgaan, vormt een aanhoudende bedreiging.
Vergelijking met eerdere uitbraken
De zwaarste ebola-uitbraak ooit vond plaats tussen 2013 en 2016 in West-Afrika. Daarbij vielen ruim 11.000 doden in heel Afrika. De huidige uitbraak in Congo overtreft alle eerdere nationale uitbraken in dat land.
Bestrijding loopt vast op geweld en wantrouwen
De aanpak van de uitbraak wordt ernstig bemoeilijkt door de situatie in Congo zelf. Het centrale gezag is zwak, en in grote delen van het land zijn rebellenbewegingen actief. Hulpverleners kunnen daardoor moeilijk bij getroffen gemeenschappen komen.
Daar komt bij dat er onder de lokale bevolking veel wantrouwen bestaat jegens buitenlandse hulporganisaties. Dat maakt het aanbieden van medische hulp, testen en vaccinaties een stuk ingewikkelder. Eerder stuitte ook de bestrijding van de uitbraak in 2018 op vergelijkbare problemen.
De uitbraak begon in de provincie Ituri, in het noordoosten van het land, en heeft zich sindsdien uitgebreid naar vijf andere provincies. In buurland Uganda zijn eveneens besmettingen vastgesteld, maar die situatie lijkt momenteel onder controle.
Wat gebeurt er nu?
Internationale gezondheidsorganisaties houden de situatie in Congo nauwlettend in de gaten. De klinische proeven met het bestaande vaccin worden gezien als een mogelijke uitweg, maar resultaten laten nog op zich wachten.
Zolang er geen goedgekeurd vaccin of medicijn beschikbaar is voor de Bundibugyo-variant, blijft isolatie de enige effectieve maatregel. De vraag is of dat voldoende is om verdere verspreiding te stoppen in een regio die al zwaar onder druk staat.
