Horecaondernemers die WK-voetbalwedstrijden op een groot scherm willen uitzenden, moeten daar gewoon voor betalen. Cultuurminister Rianne Letschert heeft in een Kamerbrief bevestigd dat het niet mogelijk is om de uitzendrechten kosteloos beschikbaar te stellen. Het tarief dat de NOS rekent voor het gebruik van de uitzendingen blijft van kracht, tot teleurstelling van veel horecaondernemers die al kampten met hoge kosten.
Betalen voor het WK: de situatie uitgelegd
Steeds meer horecaondernemers zagen het WK als een kans om meer bezoekers te trekken en omzet te draaien. Een groot scherm met live voetbal trekt vanzelfsprekend publiek, zeker tijdens een wereldkampioenschap. Maar die uitzending is niet gratis: ondernemers zijn verplicht een vergoeding te betalen aan de NOS voor het commercieel vertonen van de wedstrijden.
De NOS heeft de uitzendrechten voor de WK-wedstrijden in handen en stelt die rechten niet gratis ter beschikking aan de horeca. Dit is al jarenlang staand beleid, maar de hoop was dat de minister hier verandering in zou brengen. Die hoop is nu officieel de grond ingeboord.
Minister Letschert heeft in haar brief aan de Tweede Kamer duidelijk gemaakt dat zij juridisch noch financieel de ruimte heeft om het tarief te schrappen. De rechten en bijbehorende vergoedingen zijn vastgelegd in afspraken waarbij de overheid geen directe bevoegdheid heeft om in te grijpen.
Waarom horecaondernemers hopen op gratis uitzendrechten
De horecasector heeft de afgelopen jaren flinke klappen gekregen. Door corona, stijgende energieprijzen en hoge personeelskosten staat de winstmarge van veel cafés en restaurants onder druk. Grote sportevenementen zoals het WK zijn voor de horeca een welkome inkomstenbron — maar alleen als de kosten ook beheersbaar blijven.
Het betalen van uitzendrechten bovenop alle andere vaste lasten voelt voor veel ondernemers als een extra drempel. Sommigen kiezen er daarom voor om helemaal geen wedstrijden te vertonen, wat zowel voor henzelf als voor de sfeer in de buurt een gemiste kans is.
Brancheorganisaties uit de horecasector hadden eerder al een oproep gedaan aan de politiek om de uitzendrechten tijdens grote toernooien tijdelijk vrij te geven of te subsidiëren. Die oproep heeft tot nu toe geen gehoor gekregen in Den Haag.

Wat zegt de minister precies?
In de Kamerbrief legt minister Letschert uit dat de NOS als publieke omroep weliswaar gefinancierd wordt met belastinggeld, maar dat dit niet automatisch betekent dat de uitzendingen vrij beschikbaar zijn voor commercieel gebruik. Er is een duidelijk onderscheid tussen thuiskijkers en horecagelegenheden die uitzendingen gebruiken als publiekstrekker.
Letschert erkent dat er begrip is voor de wens van de horeca, maar wijst op de juridische realiteit. De rechtenstructuur rondom sportuitzendingen is complex en verankerd in internationale en nationale afspraken. Een eenvoudige pennenstreek volstaat niet om dit te veranderen.
Wat betaalt de horeca precies?
De kosten voor het vertonen van WK-wedstrijden in horecagelegenheden zijn afhankelijk van verschillende factoren. Hieronder een overzicht van de belangrijkste elementen waar ondernemers rekening mee moeten houden:
- Een vergoeding aan de NOS voor het uitzendrecht in een commerciële omgeving
- Mogelijke licentiekosten via muziek- en beeldrechtenorganisaties zoals Buma/Stemra
- Kosten voor huur of aanschaf van een groot scherm en audiovisuele apparatuur
- Eventuele extra personeelskosten bij drukke wedstrijdavonden
- Hogere energierekening door gebruik van schermen en verlichting
De totale kostenpost kan daardoor fors oplopen, zeker voor kleinere cafés en buurtkroegen die niet beschikken over grote budgetten. Voor hen is de drempel om wedstrijden te vertonen aanzienlijk hoger dan voor grotere horecaketens.
Publieke omroep versus commercieel gebruik
Een veelgehoord argument in het debat is dat de NOS gefinancierd wordt door de belastingbetaler en de wedstrijden dus “al betaald” zijn door het publiek. Toch maakt de wet een duidelijk onderscheid: thuisgebruik is vrij, maar vertoning in een horecagelegenheid valt onder commercieel gebruik.
Dat onderscheid bestaat in vrijwel alle Europese landen en is bedoeld om een eerlijke markt te waarborgen. Zou de horeca gratis gebruik mogen maken van uitzendingen, dan zou dat als oneerlijke concurrentie kunnen worden gezien ten opzichte van partijen die wél betalen voor vergelijkbare content.
Politieke reacties en maatschappelijk debat
De brief van Letschert heeft in de Tweede Kamer reacties losgemaakt. Meerdere partijen hebben vragen gesteld over de mogelijkheid om de horeca tegemoet te komen, bijvoorbeeld via een subsidieregeling of tijdelijke vrijstelling tijdens grote toernooien. Tot concrete toezeggingen heeft dit nog niet geleid.
In de maatschappij leeft breed de opvatting dat sportevenementen als het WK bijdragen aan sociale cohesie en gemeenschapsgevoel. Het gezamenlijk kijken in een café of op een plein wordt door velen gezien als een waardevol publiek evenement dat gestimuleerd zou moeten worden.
Of dit debat uiteindelijk leidt tot een beleidswijziging, is nog onzeker. Vooralsnog houdt de minister voet bij stuk: de uitzendrechten blijven niet gratis, en ondernemers die WK-wedstrijden willen vertonen, zullen daarvoor moeten blijven betalen.
Wat betekent dit voor jouw kroeg dit WK?
Horecaondernemers die het WK willen uitzenden, doen er verstandig aan zich tijdig te oriënteren op de geldende tarieven en benodigde vergunningen. Wie de kosten wil drukken, kan overwegen samen te werken met andere ondernemers of een gezamenlijk scherm te organiseren. Het WK biedt kansen, maar vraagt ook om een slimme kosten-batenafweging.
