Nederlandse musea trokken vorig jaar maar liefst 31,6 miljoen bezoekers. Dat meldt brancheorganisatie Museumvereniging. Het aantal bezoeken groeide met 2,5 procent ten opzichte van het jaar daarvoor, waarmee de sector langzaam terugkeert naar het niveau van voor de coronapandemie.
Ook de Museumkaart is populairder dan ooit. Bijna een derde van alle museumbezoeken werd gedaan met deze pas, goed voor 9,7 miljoen bezoeken in één jaar. Dat is een nieuw record.
Niet alleen de bezoekersaantallen stijgen. Uit onderzoek van Ipsos I&O blijkt ook dat Nederlanders musea hoog waarderen. Driekwart vindt ze waardevol voor de samenleving en 69 procent beschouwt ze als betrouwbaar.
Wat speelt er?
- 31,6 miljoen bezoekers kwamen vorig jaar naar Nederlandse musea, een stijging van 2,5 procent.
- De Museumkaart werd 9,7 miljoen keer gebruikt, een absoluut record.
- Het gebruik van de Museumkaart ligt inmiddels 5 procent hoger dan in 2019, het laatste jaar voor corona.
- Driekwart van de Nederlanders vindt musea waardevol voor de samenleving.
- Musea staan onder financiële druk, maar blijven investeren in toegankelijkheid en educatie.
Museumkaart breekt eigen record
Met de Museumkaart kunnen bezoekers een heel jaar lang onbeperkt naar honderden aangesloten Nederlandse musea. De kaart wordt al jaren populairder, maar bereikte vorig jaar een nieuw hoogtepunt.
Van alle museumbezoeken werd een derde afgelegd met zo’n kaart. Ter vergelijking: in 2019, het drukste jaar voor corona, lag dat gebruik nog 5 procent lager. De Museumkaart heeft de pandemiedip dus volledig ingehaald en overtreft nu het oude record.

Negen op de tien Nederlanders gaan naar het museum
Uit het onderzoek van Ipsos I&O blijkt dat veruit de meeste Nederlanders wel eens een museum bezoeken. Slechts 11 procent zegt nooit te gaan.
Een derde van de ondervraagden gaat minder dan eens per jaar, een andere derde bezoekt een museum één of twee keer per jaar. Een kwart gaat zelfs drie keer per jaar of vaker.
Vertrouwen en waardering hoog
Naast de bezoekersaantallen valt ook de maatschappelijke waardering op. De meeste volwassenen noemen musea belangrijk. Driekwart vindt ze waardevol en bijna zeven op de tien mensen beschouwt musea als betrouwbaar.
Vera Carasso, directeur van de Museumvereniging en Stichting Museumkaart, reageert blij op de cijfers. “Dat steeds meer mensen een museum bezoeken zien wij als een teken van betrokkenheid én vertrouwen”, zegt ze. “We koesteren dat vertrouwen en voelen een grote verantwoordelijkheid om musea toegankelijk en relevant te houden voor iedereen.”
Financiële druk blijft een uitdaging
Niet alles is rooskleurig. Musea hebben te maken met stijgende kosten en aanhoudende financiële druk. Toch blijven ze investeren in toegankelijkheid, educatie, digitalisering en het bereiken van een breed publiek.
De Museumvereniging benadrukt dat musea meer doen dan alleen collecties bewaren. Volgens de vereniging zijn ze ook bewakers van het collectieve geheugen. “Investeren in musea is daarmee ook investeren in de maatschappelijke weerbaarheid van Nederland”, schrijft de organisatie op haar website.
Musea als ontmoetingsplekken voor de samenleving
De Museumvereniging ziet musea als meer dan culturele instellingen. Ze omschrijft ze als “belangrijke plekken voor ontmoeting, kennis, inspiratie en maatschappelijke verbinding.”
Dat beeld sluit aan bij de uitkomsten van het Ipsos-onderzoek, waaruit blijkt dat Nederlanders musea breed waarderen, niet alleen als vermaak maar ook als maatschappelijke voorziening.
Hoe ontwikkelt het bezoekersaantal zich verder?
Met de groei van 2026 komt de sector steeds dichter bij het recordniveau van 2019. De vraag is of musea dat niveau dit jaar kunnen evenaren of zelfs overstijgen, ondanks de financiële uitdagingen waar de sector mee kampt.
De verdere stijging van de Museumkaart suggests dat de drempel voor een museumbezoek lager wordt. Of dat zich vertaalt in nóg meer bezoekers, zal komend jaar moeten blijken.
