Woon je in een appartementencomplex en rijd je elektrisch, dan kun je niet zomaar een laadpaal ophangen. De parkeergarage is gedeeld eigendom, dus je hebt toestemming van de vereniging van eigenaars (VvE) nodig. Met een goed voorstel en een doordacht plan voor de stroomvoorziening is dat goed te regelen, en op termijn kunnen je buren er ook van profiteren.
De vraag komt bij steeds meer VvE’s op de agenda, omdat het aantal elektrische auto’s in Nederland blijft groeien. Een onafhankelijke aanbieder als Laadpunt adviseert daarbij over wat er in een specifieke garage technisch mogelijk is, van één laadpunt tot een plan voor het hele complex. Dat advies helpt ook om de VvE-vergadering met concrete informatie in te gaan in plaats van met een los idee.
Waarom een verlengsnoer naar je parkeerplek geen optie is
Een gewoon stopcontact in de garage is niet gemaakt om urenlang op vol vermogen stroom te leveren. De bedrading kan daardoor oververhit raken, met kans op storing of in het ergste geval brand. Daarom hoort laden te gebeuren via een laadpunt op een eigen groep in de meterkast, aangelegd door een erkende installateur.
Er speelt nog iets. De stroom in een gedeelde garage loopt vaak via de algemene meter van de VvE. Laad je daarop zonder meting, dan betalen alle bewoners mee aan jouw kilometers. Dat kan vroeg of laat voor scheve gezichten en discussie in de vergadering zorgen.
Zo krijg je de VvE mee
Begin met het agenderen van je verzoek voor de eerstvolgende ledenvergadering, onderbouwd met een of twee offertes en een technisch advies. Zo kan de vergadering over een concreet plan stemmen in plaats van over een vaag voornemen. De Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) biedt informatie voor VvE’s die met laadinfrastructuur aan de slag willen, inclusief uitleg over de besluitvorming.
Laat vooraf ook de capaciteit van de hoofdaansluiting controleren. Niet elke hoofdaansluiting is zonder aanpassingen berekend op meerdere auto’s die tegelijk laden, en dat wil je weten vóórdat de VvE een besluit neemt.
Denk verder dan één paal
Een plan voor het hele complex is verstandiger dan losse initiatieven per bewoner. Wie als eerste een laadpunt plaatst, is namelijk zelden de laatste. Door meteen basisinfrastructuur aan te leggen, zoals kabelgoten en een centrale verdeler, hoeft er bij elke volgende aanvraag niet opnieuw gebroken en getrokken te worden.
Slim laden lost het capaciteitsvraagstuk grotendeels op. Via loadbalancing, het automatisch verdelen van het beschikbare vermogen over de laadpunten, laden meerdere auto’s zonder dat de hoofdaansluiting overbelast raakt. Installateurs leveren daarvoor speciale systemen, zoals de Laadpaal voor parkeergarages van Laadpunt. Zo’n laadpunt heeft een goedgekeurde kilowattuurmeter en een verbinding met een backoffice, het systeem dat het verbruik per gebruiker registreert en afrekent. Iedere bewoner betaalt zo automatisch zijn eigen verbruik, en de VvE hoeft nergens handmatig bonnetjes voor rond te sturen.
Veiligheid en verzekering vooraf regelen
Een laadpunt in een inpandige garage stelt eisen aan de installatie, dus laat het werk uitvoeren door een erkende installateur en vraag om oplevering volgens de geldende normen. Sommige verzekeraars stellen daarnaast voorwaarden aan laadpunten in een gedeelde garage. Informeer de verzekeraar van de VvE daarom vóór de installatie, niet erna, zodat de dekking niet ter discussie komt te staan bij schade.
De eerste stap naar een laadpunt in jullie garage
Zet het onderwerp op de agenda van de volgende VvE-vergadering en vraag intussen bij een installateur een advies op maat aan voor jullie garage. Met een capaciteitscheck en een offerte heb je de techniek en de kosten in beeld. Voeg daar een voorstel voor de verrekening van stroomkosten aan toe en de vergadering kan over een compleet plan stemmen. Zo wordt jouw laadwens geen splijtzwam in het complex, maar het begin van een voorziening waar straks meer bewoners gebruik van maken.
