Een rechtszaak over een vermeende groepsverkrachting op de Amerikaanse Cornell University zorgt voor grote ophef in de Verenigde Staten. Een oud-studente zegt dat ze in oktober 2024 werd gedrogeerd en gedurende zeven uur door meerdere mannen werd verkracht in een studentenhuis. Haar lichaam zou vooraf via een groepschat als “gratis” zijn aangeboden aan medebroeders.
De zaak ligt inmiddels bij een nieuwe aanklager, nadat de gouverneur van New York besloot de oorspronkelijke aanklager van de zaak te halen. Er bestaan volgens haar “serieuze twijfels” over zijn handelen. De zeven verdachten, inmiddels bekend als ‘The Cornell 7’, zijn wereldwijd in het nieuws.
Politici, juristen en ervaringsdeskundigen zeggen dat de zaak een breder patroon blootlegt: seksueel geweld op universiteitscampussen wordt stelselmatig toegedekt en daders worden beschermd.
Wat speelt er precies?
- Een oud-studente, aangeduid als ‘Jane Doe’, zegt dat ze in de nacht van 19 oktober 2024 werd verkracht in het huis van studentenvereniging Chi Phi op de campus van Cornell University.
- Via een groepschat van de vereniging werd haar lichaam aangeboden als “Free pussy”. Meer dan vijftig leden zaten in die chat.
- Van de zeven beschuldigde studenten werden er slechts twee van school gestuurd. Anderen kregen tijdelijke schorsingen of lichtere straffen.
- De zaak werd aanvankelijk geseponeerd wegens onvoldoende bewijs, maar is begin 2026 heropend na publieke verontwaardiging.
- De gouverneur van New York heeft de oorspronkelijke aanklager van de zaak gehaald. Een nieuwe aanklager neemt het over.
Wat gebeurde er in de nacht van 19 oktober 2024?
Jane Doe ging die nacht naar het huis van Chi Phi om een vriend te bezoeken. Er was alcohol en er waren drugs in het spel. Ze zou in het huis een trio hebben gehad met haar vriend en een ander lid van de vereniging, maar de aanklacht stelt dat ze op dat moment al zo dronken was dat van vrijwillige instemming geen sprake kon zijn.
Rond 2.00 uur ’s nachts stuurde een van de mannen een bericht in de groepschat van de vereniging: “Free pussy” in het huis. Reacties volgden al snel. Een lid schreef: “I fucking love Chi Phi.” Een ander vroeg later: “Shop still open?” Het antwoord was: “Yea”.
Volgens Jane Doe kwamen vervolgens meerdere mannen de kamer binnen waar zij naakt in bed lag. De studenten zouden haar ketamine hebben toegediend en haar daarna gedurende zeven uur hebben verkracht en seksueel misbruikt.

Hoe reageerde de universiteit en de aanklager?
Enkele weken na de nacht in oktober stapte Jane Doe naar de campuspolitie. Van de zeven beschuldigde studenten werden er twee van school gestuurd. Anderen kregen slechts een tijdelijke schorsing. Jane Doe’s advocaat stelt dat sommigen enkel een essay moesten schrijven als straf. Cornell ontkent dat essays als strafmaatregel zijn opgelegd.
De zaak werd aanvankelijk niet strafrechtelijk vervolgd. Aanklager Matthew Van Houten zei destijds niet genoeg bewijs te hebben. The New York Times meldt nu dat de campuspolitie een samenvatting van Jane Doe’s verklaring naar de aanklager stuurde, waarbij expliciete details over haar ervaringen waren weggelaten.
Begin 2026 heropende Van Houten de zaak, nadat de publieke verontwaardiging was opgelaaid. Hij erkende dat hij twee jaar eerder niet over alle informatie beschikte. Kort daarna besloot de gouverneur van New York hem van de zaak te halen vanwege “serieuze twijfels” over zijn optreden in 2024.
Universiteitsblad publiceerde namen van verdachten
De namen en foto’s van de zeven verdachten circuleren online nadat het universiteitsblad van Cornell ze op 21 september publiceerde. “We weten wie jullie zijn en we weigeren toe te laten dat jullie profiteren van het doofpotbeleid van de universiteit”, schreef de hoofdredactie.
De online woede richt zich niet alleen op de zeven verdachten, maar ook op de tientallen andere leden van de groepschat die de berichten lazen en niet ingrepen. Meer dan vijftig jongens zaten in de chat waarin het slachtoffer als object werd aangeboden.
‘Rape culture’ op campussen is een hardnekkig probleem
Seksueel geweld op Amerikaanse universiteitscampussen is geen nieuw fenomeen. Uit Amerikaans onderzoek blijkt dat 20 procent van de vrouwelijke bachelorstudenten te maken krijgt met seksueel geweld of seksueel overschrijdend gedrag.
Advocaat Laura L. Dunn, gespecialiseerd in seksueel geweld op campussen, zei tegen CNN: “Het is erg pijnlijk om een zaak waarover ik ook twintig jaar geleden had kunnen lezen nu opnieuw te zien gebeuren.” Dunn deed zelf in 2004 aangifte van misbruik door twee studenten, maar tot vervolging kwam het nooit.
Nancy Chi Cantalupo, universitair hoofddocent rechtswetenschappen en expert op het gebied van seksueel geweld in het hoger onderwijs, wijst op een structureel probleem. “Universiteiten concurreren met elkaar en willen daarom zo min mogelijk meldingen van seksueel geweld zien”, zegt ze. “De instelling wordt dus niet gestimuleerd om meldingen aan te moedigen. Zo kun je blijven doen alsof er op jouw campus niets aan de hand is.”
Voorlichting als oplossing?
Veel universiteiten hebben programma’s opgezet om studenten, en met name jonge mannen, voor te lichten over seksueel geweld. Cantalupo benadrukt het belang daarvan, maar nuanceert ook. “Het probleem ligt vaak bij één persoon of een klein groepje. De mensen om hen heen hebben de juiste handvatten nodig om te voorkomen dat ze erin worden meegezogen en om te kunnen ingrijpen.”
Hoe verder met de zaak?
Een nieuwe aanklager neemt de leiding over het strafrechtelijk onderzoek. Vorige maand diende Jane Doe ook een civiele aanklacht in tegen zowel de universiteit als de zeven studenten. Ze stelt dat Cornell haar onvoldoende heeft beschermd en de daders te licht heeft gestraft.
De zaak trekt inmiddels veel aandacht van wetgevers en juridische experts, die pleiten voor strengere regels rondom het omgaan met meldingen van seksueel geweld op campussen. Of de zaak ook leidt tot daadwerkelijke strafrechtelijke vervolging van de verdachten, wordt de komende periode duidelijk.
